We worden allemaal ouder. Maar de ene persoon veroudert sneller dan de ander. Met nieuwe technieken kunnen we kijken naar je zogenaamde biologische leeftijd. Dat is iets anders dan je kalenderleeftijd. Die hoef je niet te meten, want die staat gewoon vast.
Er zijn veel manieren om te kijken hoe oud iemand biologisch is.
Als je jong bent, zegt lengte bijvoorbeeld iets over groei en ontwikkeling. Maar zodra je volgroeid bent, werkt dat niet meer. Sterker nog: op latere leeftijd worden veel mensen juist weer iets kleiner. Ook je prestaties veranderen met de leeftijd. Je kunt bijvoorbeeld minder snel lopen of een inspanning minder lang volhouden. Door te trainen kun je je conditie wel verbeteren. Toch begrijpt iedereen dat een conditietest maar een deel van het verhaal vertelt. Je kunt misschien zien of iemand fitter of minder fit is dan je op grond van de kalenderleeftijd zou verwachten, maar daarmee weet je nog niet echt hoe oud iemand biologisch is.Nu wordt het spannender, want we weten allemaal dat we met bloed- en urineonderzoek veel over ons lichaam kunnen ontdekken.
We kunnen bijvoorbeeld vaststellen of iemand bloedarmoede heeft (te weinig rode bloedlichaampjes) of een te hoge bloedsuikerwaarde, wat kan wijzen op diabetes.
Ook cholesterol, ontstekingen, vitaminetekorten en problemen met de nieren of lever kunnen vaak via bloedonderzoek worden opgespoord.
Biomarkers
Dit soort metingen noemen we biomarkers. Dat zijn meetbare stoffen in het lichaam die iets zeggen over gezondheid, ziekte of veroudering.
Als we ouder worden, veranderen veel waarden in het bloed langzaam mee. Ontstekingswaarden worden vaak iets hoger en ook cholesterol en bloedsuiker kunnen stijgen. Sommige vitamines worden juist minder goed door het lichaam opgenomen. Ook de werking van nieren en lever kan geleidelijk afnemen.
Daarom geven bloedtesten vaak belangrijke informatie over gezondheid en veroudering.
Toch kunnen we deze waarden niet rechtstreeks koppelen aan één duidelijke maat voor biologische leeftijd.
Als we ouder worden, zien we bij urinetests vaker veranderingen die te maken hebben met de werking van de nieren en de vochtbalans. Ook komt suiker in de urine vaker voor, bijvoorbeeld bij diabetes.
Soms worden er ook meer eiwitten gevonden. Dat kan wijzen op slijtage of extra belasting van de nieren. Daarnaast komen blaas- en urineweginfecties op hogere leeftijd vaker voor.
Maar ook deze metingen kunnen we niet rechtstreeks koppelen aan één duidelijke maat voor biologische leeftijd.
Bij een wangslijmtest worden met een wattenstaafje een paar cellen uit de binnenkant van de wang gehaald. In die cellen zit DNA dat onderzocht kan worden.
Bij moderne testen kijkt men vaak naar kleine chemische veranderingen op het DNA. Die veranderingen noemen we DNA-methylatie. Ze veranderen langzaam tijdens het ouder worden.
Op grond van die patronen proberen onderzoekers een schatting te maken van de biologische leeftijd. Sommige epigenetische klokken gebruiken daarom juist wangslijm als eenvoudig en pijnloos testmateriaal.
Een wangslijmtest kan dus iets vertellen over processen die met veroudering samenhangen. Toch blijft het ingewikkeld. Verschillende klokken gebruiken verschillende meetmethoden en de uitslag kan ook beïnvloed worden door leefstijl, stress, slaap, roken en ziekte.
Daarom geeft ook een wangslijmtest geen perfecte of absolute maat voor biologische ouderdom, maar vooral een benadering van hoe snel het lichaam biologisch verandert.
De tests waar het hier om gaat, zijn vooral chemische tests. Waar we bij conditietests nog vooral lichamelijke prestaties meten — zoals de tijd waarin iemand een bepaalde inspanning kan volhouden — komen we nu in de wereld van de chemie terecht.
Kenmerk is steeds: op grond van chemische analyses kunnen we vaststellen of “er iets is” (bijvoorbeeld tekenen van diabetes) of dat dit juist niet het geval is. We stellen er geen biologische leeftijd mee vast, en zeker niet zoiets als “de snelheid van verouderen”.
Maar bij de wangslijmtest hebben we gezien dat er een nieuw houvast is en dat houvast is gekoppeld aan veranderingen van het epigenoom.
Misschien is dit deel wel het meest interessante in de reeks omdat vrijwel alles om metingen aan het epigenoom draait als grote regisseur van de genen.
Overzicht van de verschillende hoofdstukken:
1. Deze home-page: geeft een inleiding tot het onderwerp
2. Een onverwachte ontdekking: Steve Horvath ontdekt de biologische klok
3. Waarom deze klokken zo belangrijk zijn
4. Wie zijn de aanbieders van deze klokken?
Duur en voorkennis
Het is gewenst om in ieder geval de delen “DNA van het leven, de code ” en “DNA, het epigenoom en je healthspan” doorgenomen te hebben.
Hoe lang duurt dit onderdeel?
Je doorloopt dit onderdeel in ongeveer een uur. Wil je je verder verdiepen? Als je eenmaal bekend ben met de onderwerpen vind je heel veel video’s en blogs op onze site. Als je daarin duikt, ben je natuurlijk langer bezig — maar het is wél ontzettend interessant!